BTW-verhoging voor artiesten (‘podiumkunsten’)
Artiesten vallen op dit moment onder het verlaagde BTW-tarief van 6%. Het nieuwe kabinet heeft besloten te bezuinigen in de hoek van de kunsten. Het verlenen van toegang tot muziek- en toneeluitvoeringen (bijvoorbeeld opera’s, operettes, dansen, musicals), alsmede lezingen en het optreden door uitvoerende kunstenaars zullen onder het algemene btw-tarief van 19% gaan vallen. De oorspronkelijke ingangsdatum van de BTW-verhoging was 1 januari 2011. Na de nodige kritiek is de inwerkingtreding van de wijziging verschoven naar 1 juli 2011.
Het gevolg van deze wetswijziging is dat artiesten aan hun opdrachtgevers 19% BTW in rekening moeten brengen over het honorarium dat ziet op optredens die plaatsvinden op of na 1 juli 2011!
Met betrekking tot de verhoging van het btw-tarief op podiumkunsten is - zeer beperkt - overgangsrecht getroffen. Als de voorstelling in 2011 plaatsvindt maar het kaartje in 2010 wordt gekocht, geldt het verlaagde btw-tarief van 6%. Als het kaartje op 1 maart 2011 wordt gekocht en de voorstelling is op 1 april 2011, geldt ook het verlaagde tarief. Als het kaartje op 1 maart 2011 wordt gekocht en de voorstelling is op 1 juli 2011 (of later) dan geldt het 19%-tarief.
Artiesten doen er verstandig aan om na te denken over hoe ze met de BTW-verhoging zullen omgaan. Om hetzelfde over te houden zou de BTW-verhoging aan de opdrachtgever moeten worden doorberekend (eenvoudig gezegd: prijzen ex. BTW met 13% omhoog). Opdrachtgevers die de BTW geheel in aftrek kunnen brengen hebben daar geen last van. Voor opdrachtgevers die de BTW niet of niet geheel in aftrek kunnen brengen, zoals instellingen die niet BTW-plichtig zijn en particulieren, zou dit betekenen dat het optreden duurder wordt.
Rosier Bijl van Kan
Maart 2011